Dagboek JANUARI 2006            ▲index 2006▲

 

5 januari 2006     Salaam Aleikum’ voor Ali

Nog even en het gezicht van de Phoenixstraat verandert alweer een heel klein stukje. Het is donderdagavond en het is 5 januari 2006. Het is ook winter en koud. Een berichtje zet mij in actie. Ik haast mij richting Sint-Jan-Baptistkerk, want even verder bevindt zich het uithangbord van het café Vrolijk Gent. Een café dat op het eerste gezicht nooit echt in het dagdagelijkse Brugsepuurtnieuws stond: een rustig café. Tout court.
,Vrolijk’ Gent staat zonder enige twijfel voor de uitbater die een heel korte en pittige naam heeft: Ali. Het laat me even denken aan veertig rovers. Het is echter tijd voor een kennismaking op de valreep van het voorgoed sluiten van de gordijntjes van dit buurtcafé. De vooravond van een definitief ,adieu’.
Ali keek allicht verrast op toen een Brugsepuurteneire die alvast nooit voorheen zijn etablissement binnenstapte er een koffie bestelde. Nooit? Op al die jaren moet het in totaal exact tweemaal zijn geweest. En die nu met de deur in huis viel met de opmerking: ,Ali, ik kom even een beetje met je babbelen’.
De man gekend onder Ali heeft een lachend rond gezicht en ,tapt’ vooreerst mijn koffie. Aan de bar zit een man die Marcel heet aan zijn flesje pils te lurken. Hij is de enige klant op dit vroege avonduur. Het is rond 8 uur. De televisie staat aan en laat Franse klanken weerklinken op de Brugsepuurte.
,Ik kenne eu goed hé,’ zegt Ali. Zeg ik: ,Allicht, zeg ik.’ Ali begint alvast met te vermelden dat hij mijn vrouw goed kent en dat hij weet dat ik een viertal kinderen heb. Het is mij eigenlijk door de vele jaren een beetje ontgaan. Ali woonde ooit ook enige tijd in de Notelaarstraat.
Ali, Marcel en ik blijken omtrent hetzelfde geboortejaar te hebben en wij zijn alledrie tussen 62 en 63 jaar oud. Dat is tenminste al een raakpunt voor ons gesprek. Want in een buurtgesprek spreken alle stemmen.
Ali, zeg ik… ik ,hoorde’ dat Vrolijk Gent verdwijnt na zovele jaren? ,Van wiene hedde da?’ vraagt hij. Zeg ik: Bij de Vieze Gasten weten zij alles over de Brugsepuurte. ,Ach zo!’ Ja, vertelt hij in een Nederlands dat vele van zijn landgenoten hem mogen nadoen, het is waar. Straks is het zover: Vrolijk Gent is niet meer.
Jaja, hoor ik… want Marcel laat op de achtergrond zijn stem horen: Het was Ali plots te veel geworden, te lastig zelfs. Ali laat het antwoord zweven tussen hem en Marcel wanneer hij over de reden begint. ,Een dozijn jaar terug had ik een zwaar accident’ en ik was er toen bijna een vogel voor de kat… Terwijl ik Marcel verder hoor vertellen: Als er éne is met zoveel ijzer in zijn lichaam, dan is het Ali wel!!! Ja, zegt Ali, dood kon ik al lang geleden zijn geweest. En dat accident heeft mijn beslissing nu wel beïnvloed om er voorgoed mee te stoppen.
Ali is doorheen de vele jaren een rasechte Belg geworden en gehuwd met een Belgische. Het café Vrolijk Gent was het eerste café door een Marokkaan geopend in Gent en op de Brugse Puurte. Maar bij Ali waren het ook in de eerste plaats de Belgen die welkom waren en was er minder bezoek van andere landgenoten. Méér dan 25 jaar werd Vrolijk Gent oud.
Al lachend zegt Ali: Bij mij komen de Turken er niet in want dat is een andere ,soort’. Hij heeft er geen moeite mee om zich te laten verleiden tot een krasse uitspraak. Het assortiment aan drankjes in Vrolijk Gent beperkte zich niet tot koffietjes en theetjes. ,Neen,’ zegt Ali: ,Bij mij kon je ,alles’ kopen…’ terwijl hij langzaam geniet van een heel smakelijke Cubaans lijkende sigaar en van zijn tweede thee. Ik bestel voor mezelf een tweede koffie en krijg die korte tijd later terwijl hij onderweg naar zijn toog met Marcel van gedachten wisselt in beide voertalen.
Ali is één van de vele voorbeelden van rechtschapen immigranten die hun geluk kwamen zoeken. Zoals hij vertelt: ik was hier op bezoek als de zoveelste toerist en toen veranderde het allemaal heel plots. Kwam naar Brussel met pa in het jaar 1957, zakte ik dan later af naar Gent en bleef er plakken… Ik had een job als ,meestergast’ in de staalfabriek Sidmar gedurende 25 jaar.
Ali werd een ,bekende’ immigrant op de Brugse Puurte. Een man met doorzettingsvermogen die ooit een groentenzaak had. Toen schakelde hij over op drank en gezelligheid met het uitbaten van een ander intussen vergeten cafeetje dat de naam Cafe ‘t Clubje had in de Phoenixstraat… en pas later werd hij het gezicht van ,Vrolijk Gent’. Een café dat óók te klein was voor een groeiende klandizie en werd verbouwd tot een mooie drankgelegenheid.
Een passender naam als Vrolijk Gent kon er zeker niet gevonden worden voor deze al even vrolijke Marokkaanse Belg. Een man die echte levensvreugde uitstraalt en het niet laat merken dat de jaren hun tol eisten. Vrolijk Gent had zijn vele mooie dagen, had zijn vele ,Belgische’ klanten die in de vrolijke Marokkaan immer een warm hart voelden.
Vrolijk Gent exit, Ali exit. Vrolijk Gent is dood? Lang leve Vrolijk Gent. Er is geen spijt en Ali zegt dat hij wil rusten, nog wat wil genieten van mooie dagen. Hij wil eenvoudigweg: niet meer werken. De rust is hem gegund. De Brugse Puurte verliest andermaal een cafeetje met een gezellige uitbater. Een cafe die naam waardig.
Ali het ga je goed. Salam Aleikum.
(Erik Lippens)
 

winter 06     Ontdekkingstocht          ▲index 2006▲

Ik ben Vicky, het fruitvliegje uit de Brugse poort. Ik leef in een ruime fruitwinkel – wat had je anders gedacht ? Het kan hier heel fris zijn. Daar houd ik niet van. Ik vlieg dan ook zelden in de koelruimte rond. Mijn terrein situeert zich vooral rond de tomaatjes. Deze zijn heel zoet en zacht en ik kan er gemakkelijk inkruipen. Met het sap vul ik mijn buikje en dan heb ik genoeg eten voor een paar dagen.Van de granaatappelen houd ik minder. Deze zijn te groot en te hard. Peren (ayva), ja dat is ook mijn lievelingsfruit. Ik vlieg er nu eventjes naar toe. Ik moet het aantal toch controleren, nietwaar ? Het vlees zit vol vitaminen !

Van de vergeten groenten zoals pastinaak, rammenas, rapen, bieten of Chinese kool, daar hou ik helemaal niet van Dat is geen kost voor een vlieg. Geef mij maar mandarijntjes, mango’s, aardbeien of kersen. Voor dit fruit zou ik mijn leven geven.

Nu is het een moeilijk periode. In de winter is er weinig sappig fruit. Als ik rondvlieg, zie ik sogan (ajuin) en taze fasulye (bonen) liggen. Dat is allemaal veel te hard en bovendien is dat zo kleurloos. Ik maak liever een uitje over de dolma (paprika) en siuri of çarci (pepers). Van deze heldere kleuren geniet ik. Ik voel dan de hete adem van de zuiderse landen.
Dagelijks lees ik de etiketten van het land van herkomst van de vruchten. Ik droom over de verre streken. Ik zie mij daar rondvliegen in een appelsienboom of op de velden… Maar ik weet dat die reis veel te ver en te vermoeiend is voor een fruitvliegje Dus vlieg ik hier naar hartelust rond in mijn winkel tussen mijn fruitbakken.

Vicky, de vlieg
(Erika)
 

6 januari 2006        Tij op Tijd             ▲index 2006▲

De vuilnis
kar langs de ene kant
als een lijn
bus, want het zijn er
drie op een rij
mits het grof
vuil.

De bejaarde vrouw
aan de andere kant
van de Bevijding
slaan, haar man voort
duwend in zijn rol
stoel met een stoet
tot gevolg.

Er is file op de drukke
baan en het is leuk te
zien dat niemand er zich
wat van trekt, aan.

Alsof iedereen staat
open voor iedereen.

De beenhouwer kijkt van
uit het deur
gat toe.

Behalve die ene oude vrouw
die de bank even binnen
gaat om op de bank te zitten
lijkt niemand moe.

Zelfs de kreupele trekt
vandaag geen zuur gezicht.

SWA

7  januari 2006        THEATER BIZON SPEELT ZOENT!             ▲index 2006▲
 

Verslag van twee jonge toeschouwers.
Een productie van Daphne Laquière en Ann Saelens met Steve De Schepper
Gezien Bij De Vieze Gasten op 7 januari


De mooiste prinses.
Er was veel volk.
We waren heel zenuwachtig.
En we vonden het theater mooi.
Luister maar naar het verhaal.
Er was eens een prinses.
En toen deed ze haar schoenen uit,
En toen zagen we allemaal zwarte voeten!
Ze zat te wachten op de knapste prins van de hele wereld.
En die kwam maar niet.
Dus ze zat haar heel de tijd te vervelen.
En we zagen een tv met een konijn.
En soms zagen we ook een prins.
Later ging de prinses de prins gaan zoeken.
En op dat moment kwam de prins.
Maar het einde vonden we raar omdat de prins zei ,,sneeuwwitje’’.

Van cato 7 jaar, en victoria 7 jaar.