december 2005    oktober 2006    juli2007   oktober 2008
januari 2006    november 2006    september 2007   november 2008
februari 2006    december 2006   oktober 2007   december 2008
maart 2006    januari 2007    november 2007   januari 2009
mei 2006   februari 2007    januari 2008    februari 2009
juni 2006    maart 2007    februari 2008    maart 2009
juli 2006    april 2007   maart 2008    april 2009
augustus 2006    mei 2007    april 2008    
september 2006    juni 2007   mei 2008  

 

Dagboek DECEMBER 2008

zaterdag 6 december 2008 -
verslag 'Les amis de Derek'- Rony Verbiest


Op een avond als deze, zes december heeft de sint en zijn trouwe, zwarte medewerker al heel veel kinderhartjes blij gemaakt. Maar zijn tweelingsbroer, Derek en zijn assistent, Rony Verbiest lieten het publiek bij De Vieze Gasten niet links of rechts liggen. Ze trotseerden de druilige straten, gladde daken, schimmels en etterende puisten om het beste van zich te geven. Wat kan er een beter openingsliedje zijn dan 'Saint Nicolas' om de kinderjaren te herbeleven? Saint Nicolaskomt, ondanks de crisis terug. 'A la prochaine!!', grapt Derek.

Rony Verbiest kennen we vooral als accordeonist. Deze avond zat hij heel ontspannen deuntjes te toveren uit de mondharmonica en deze cirkelden prachtig rond de doorleefde stem van Derek. Beiden riepen de sfeer van uitgeleefde Parijse cafés naar Gent; je voelde de rook langs de muren met vergeeld behangpapier opstijgen, waar vriendschap beklonken wordt met glazen wijn, waar er uit volle borst en zonder gène wordt meegezongen met de opzwiepende muziek. Derek weet op een innemende en charmante manier levensliederen (over geliefden - hoe kan het anders - , over de passie en pijn, over de regen) van Franse artiesten te brengen en dit ondersteund door een genietende Verbiest. Ook brengt Derek als ervaren rot in het vak liedjes geschreven door Yves Meersschaert en Bruno Deneckere. Hij graaft met een spade recht in de gevoelswortels van elke toeschouwer. Het volgend nummer gaat over 'ne snoeper die nog vasthangt aan vroeger', mijmert Derek. Dit jazzy nummer past perfect samen met de virtuoze ingrediënten die Rony uit zijn sax kneedt.

Het werd muisstil in de zaal bij het lied 'Ou es-tu, maman ?' Ook al leeft de moeder van Derek en de mijne gelukkig nog, je voelt de nakende gelatenheid van het kind dat de herinneringen van zijn moeder een plaats in zijn verdere leven zal moeten geven.

Een fles wijn brengt soelaas op het podium en beide muzikanten drinken van deze godendrank. “Je moet niet teveel nadenken”, leert Derek ons en als een TVG danst hij met zijn gitaar naast een wulpse, ingebeelde Orfeuse. Daarna overmeestert 'une jolie Louise' dit duo. Op een knipogende manier laat deze muzikant ons genieten van 'Je chante dans la pluie'. Sinatra luisterde mee en lachte onder zijn paraplu. Jacques Brel kwam ook langs, hij keek rond en vroeg verontschuldigend 'Ne me quitte pas'. Vian en Brassens wachtten geduldig hun beurt af.
Op deze sintavond konden wij meezingen met het nummer 'Chantez, seulement si je voulais bien.' Met een voldaan gevoel keerden wij huiswaarts, liefst sur la bonne route. Maar de leuke herinneringen van de geslaagde concerten op Place Musette tijdens de Gentse Feesten deden mij toch wel een verkeerde richting nemen! Merci, Derek et ses copins!


(schuilnaam)


zondag 12 december 2008 - Een nieuwe 'revue', en plein air.

Meisjes dansen zich uit de naad van hun satijnen gewaden, net prinsessen op een bal. Op een orignele manier stelt elke deelnemer zich met zijn lievelingsgerecht. Het publiek maakt een ruzie mee tussen twee vrienden en het gaat, hoe kan het anders over geld. Elvis is in volle ornaat aanwezig. Een jonge man besluit om een fiets te kopen om vlugger dan de trolley te zijn. Geen slecht idee. Habbia en Yahya Terryn knutselden een knappe voorstelling in elkaar waar zowel de oudere deelnemers als de jongeren met elkaar versmelten. Deze laatste kunnen de ervaringen van de 'oudjes' best gebruiken en de meer bezadigden smijten zich met volle teugen in de aanstekelijke muziek en danspassen. Een wervelende voorstelling die geen seconde verveelt. Een pluim voor de creatieve bedenkers.


(schuilnaam)


zaterdag 13 december 2008 - het verhaal van de tijger - Wennie De Ryck

Het verhaal van de tijger; wat klinkt mij dit onheilspeilend. Wennie De Ryck begint deze monoloog met een les in het Oostends. De 'ij' wordt 'ie' uitgesproken (een lijf wordt lief), de 'o' wordt 'eu' (vogel vervormt naar veugel) en de 'ee' is 'ei' (beer gaat over naar beir). Een mooiere introductie kon ik mij niet voorstellen en hij heeft gelijk, waarom geen fabel van Dario Fo in het dialect vertellen. We worden meegezogen in de tochten van het leger en de witte bandieten over heuvels, tussen riffen en rotsblokken, met gevaarlijke overgangen, over groene vlakten, in hinderlagen en gevechten. Op een overtuigende manier laat de verteller ons voelen wat een kogel in het been met een soldaat doet. De krijgsmakkers trekken verder en de gewonde blijft achter. De koorts doet hem ijlen en hij ziet hoe wolken tegen elkaar botsen. Met zijn laatste krachten sleept hij zich naar een rotsopening om niet te verzuipen in het wassende water. Gelukkig wordt hij opgevangen door een moedertijger die de instinctieve taak op zich neemt om hem te zogen en zijn wonde schoon te likken. Ja, wie zou niet in de plaats van deze soldaat willen zijn ... Op een zeer plastische manier dompelt De Ryck het publiek onder in de geluiden van dit zogen. Je zou voor minder ogen als karrewielen opzetten. Het smekken wordt versterkt door de strepen muziek van Rik Verstrepen, Frank ghysels en Gert torck. Zij weten als geen ander hoe ze met hun instrumenten het water in de mond van de toehoorders kunnen toveren. Dankzij de gulle kliergiften van dit moedertje komt de soldaat op krachten. Met hun meegebrachte prooien kan de creatieve soldaat een heerlijke roostermaaltijd, versterkt met ajuin, salpeter klaarmaken. De tijgers, verstomd van deze kookkunsten, smullen tot ze er van in slaap vallen. Uiteindelijk vertrekt de man en blijven de tijgers achter. Maar de vriendschap weegt te zwaar door en beide tijgers gaan de man achterna. De witte bandieten worden dankzij hun kordaat optreden naar een eiland verdrijven en zij, de helden worden voor hun dapperheid beloond en mogen bij de inwoners van een dorp blijven wonen. Ondanks de technische problemen met de microfoon bracht Wennie dit verhaal op een zeer indringende en grappige manier. Het Oostends liet zich gewillig smaken op het roostervuur bij De Vieze Gasten. Geef mij maar een stevige hap vlees, een nacht gepekeld in het Oostends zoutwater. Wennie, Gent hoort nog van jou.


(schuilnaam)